Roodsprietwespbij
Nomada fulvicornis
Een parasitaire bij
Lengte: vr 9-13mm ; m 8-12 mm
Bloembezoek: allerei planten; zelf verzameld op paardenbloem, speenkruid
Habitat: rivierdijken, struikhei-vegetaties, spoorwegterreinen, geluidswallen, bermen, tuinen, parken, zoomvegetaties.
Volledige tekst en foto's
 
 
 
--    
Kenmerken Roodsprietwespbij Nomada fulvicornis
Koekoeksbij: gastheeren zijn onder meer: - grijze rimpelrufg en koolzwarte zandbij
Vrouwtje 9-13mm; 12 antenneleden Mannetje 8-12 mm; 13 antenneleden
Kop Grotendeels zwart; bruinrood gekleurd zijn: wangen, kaken, labrum, clypeus inclusief een kleine vlek daarboven, een rand aan de binnenkant van het facetoog tot aan de antenne-inplant en vaak een kleine punt op de schedel bij het oog. Labrum in het midden met een klein driehoekig tandje. Als vrouwtje maar veel meer geel gekleurd.
Antenne Antenne roodachtig, de scapus kan aan de aan de onderkant geel zijn en laatste antenneleden aan
de bovenkant soms donkerder .
Antenne roodachtig, de scapus kan aan de aan de onderkant geel zijn minstens de eerste zes leden aan de
bovenkant zwart.
Beharing Kop en borststuk lang afstaand bruingeel behaard Kop en borststuk behaard.
Borststuk Grotendeels zwart; geel gekleurd zijn: pronotum, calli,
tegulae en twee vlekken op het scutellum. Zelden
twee gele vlekken op het propodeum en bruinrode
vlekken op mesopleuren.

Grotendeels zwart; geel gekleurd zijn: pronotum, calli, tegulae en twee vlekken op het scutellum. zijkant (mesopleuren) borstuk soms met een gele vlek.

Achterlijf Basiskleur zwart; 1e-3e teriet met grote, gele vlekken; 4e-5e tergiet met gele banden; vlekken op het eerste tergiet zijn enigszins variabel in keur en vorm waarbij ze een aaneen gesloten bruinrode band kunnen vormen..
Basiskleur zwart, 1e -3e tergiet met gele vlekken; 4e-6e tegiet met een gele band die in het midden vaak is versmald.
Poten Bruinrood, femora gedeeltelijk zwart; tibiae basaal met gele vlek; tibia 3 tot 5 lange, meestal zwarte doorntjes. Poten oranje, met veel geel; femur 3 grotendeels zwart, overige femora deels zwart; tibia 3 met 4 of 5 lange soms donker gekleurde doorntjes.
Bloembezoek: naar Westrich (1989) akkerdistel, gewoon bitterkruid, gewoon duizendblad, jacobskruiskruid, schermhavikskruid, zandblauwtje
 
Roodsprietwespbij Nomada fulvicornis (vr) Terug
 
Kop grotendeels zwart; bruinrood gekleurd zijn: wangen, kaken, labrum, clypeus inclusief een kleine vlek daarboven, een rand aan de binnenkant van het facetoog tot aan de antenne-inplant en vaak een kleine punt op de schedel bij het oog. Deze punt is op de afbeelding rechts vaag te zien. Ook bij de afbeelding in Scheuchl (2000), maar wordt niet de de beschrijving genoemd.
Basiskleur achterlijf zwart; 1e-3e teriet met grote, gele vlekken; 4e-5e tergiet met gele banden; vlekken op het eerste tergiet zijn enigszins variabel in keur en vorm waarbij ze een aaneen gesloten bruinrode band kunnen vormen.
De soort lijkt veel op de donkere wespbij.
 
 
Roodsprietwespbij (vr) Terug
 
Roodsprietwespbij (vr) Terug
 
Roodsprietwespbij Nomada fulvicornis (vr)- (Henk Wallays - http://tinyurl.com/7ptc4m9) Terug
 
Roodsprietwespbij (m) Terug
 
Koolzwarte zandbij - Andrena pilipes (foto Henk Wallays - http://tinyurl.com/7ptc4m9) Terug
 
Andrena tibialis - Grijze rimpelrug Terug