Ruige behangersbij
Megachile circumcincta
Kenmerken: ; kop vr. zwart behaard; voortars m. wit en verbreed.
Lengte: vr. 12-14; mm 11-13 mm
Bloembezoek: allerlei bloemen
 
Volledige tekst en foto's
 
 
 
Vrouwtje: gezicht zwart tot donker behaard; borststuik en het voorste deel (tergiet 1-3) van het achterlijf bruingeel behaard; buikschuier oranjeachtig behaard.
Mannetje: gezicht, borststuk en voorste gedeelte van het achterlijf geelbruin behaard. het eerste voetlid van de voorpoten ivoorwit en sterk verbreed.
Vliegperiode: mei-begin augustus

Habitat: droog grasland. Ook in en kasteeltuin in Amsterdam waargenomen.

Nesten en milieu: nestelt ondiep (2-3 cm) in zandige bodems.
Bloembezoek: het meest op gewone rolklaver, zelf waargenomen op campanula lactiflora; naar Westrich (1989): onder meer op bont kroonkruid, esparcette, heggenwikke, rode klaver, vogelwikke, witte klaver.
Voorkomen in Nederland: vrij zeldzaam.
Beheer: droge graslanden vooral als ze kalkarm zijn kunnen vergrassen en op langere termijn vervilten, waardoor voedselplanten kunnen verdwijnen en de bodem moeilijker toegankelijker wordt voor het graven van nesten. In natuurgebieden kan dat deels worden tegengegaan door extensieve begrazing; door natuurlijke begrazing (konijnen) of door geïntroduceerde grote grazers; buiten natuurgebieden en in oude cultuurlandschappen door extensief maaien en extensieve begrazing.
Parasitaire bijen: heidekegelbij en duinkegelbij.
 
Foto Terug